Ga naar de inhoud

Bij de herinrichting van het Hoegaardse kerkhof

Onze begraafplaatsen en onze graven maken deel uit van het zowel emotionele als materiële verleden van een lokale gemeenschap. In het geval van Hoegaarden hebben we te doen met een kerkhof dat opengesteld is in februari 1925 en waar toen ook een aantal graven en bijhorende grafmonumenten zijn overgebracht van het eeuwenoude kerkhof, gelegen rond de kerk.

Dat betekent een nog zichtbaar materieel verleden dat niet alleen terug gaat tot de oudste nog aanwezige grafmonumenten, maar ook nog eens de ganse geschiedenis van het oude Hoegaardse witbier levendig (?) houdt. Uit een aantal nog aanwezige graven leren we niet alleen een aantal gewoontes en funeraire gebruiken van onze voorouders kennen. Wij herkennen ook de plaatselijke maatschappelijke structuren, de hiërarchie van families en beroepen, …

Een typisch voorbeeld, dat wij verder in dit nummer behandelen is dat van de twee nog aanwezige grafmonumenten van de familie Tomsin. Maar eerst een inleiding over het kerkhof zelf.

Over het nieuwe kerkhof (1925)

Op de gemeenteraad van 29.06.1919 krijgt het schepencollege de opdracht een terrein te zoeken voor een nieuw kerkhof. De aloude begraafplaats rond de kerk was te klein geworden en te nat. De wilsbeschikkingen van de overledenen en de nabestaanden wensten nu een blijvend teken achter te laten onder de vorm van een duurzaam grafmonument in ‘harde’ steen, waardoor er veel meer plaats moest beschikbaar gesteld worden. Een ander argument was het feit dat het kerkhof ronde de kerk door al het hemelwater van de daken van de kerk veel te nat was, en zo ook al niet in staat om aan de nieuwe noden te voldoen.

Op de gemeenteraadszitting van 12 oktober 1922 besluit de gemeente de nodige grond aan te kopen voor het nieuwe kerkhof, nadat het ‘de commodo en incommodo’ onderzoek van 7 oktober geen enkele klacht had geregistreerd. Er worden twee naast elkaar gelegen percelen aangekocht:

  • Troost Louis (Hoeg. 26.11.1829, echtgenote Stockmans Marie Anastasie, ° 01.08.1852), kleermaker voor mannen, eigenaar, wil een stuk grond verkopen in de Walenstraat, op het ‘Elstveld’, aan de gemeente van 26 a. 20 ca. (sectie D nr. 567 van het kadaster) voor 6.026 frank (1)[1], stuk grond dat Troost verworven had bij definitieve toewijzing voor de notarissen Leon Rosseeuw en Arthur Joseph Putzeys op 20.12.1893.
  • Het stuk grond van 79 a. (sectie D nr. 566), grenzend aan het voorgaande stuk kan eveneens door de gemeente verworven worden voor 10.170 frank van de huidige eigenaars: Elisa Rosseeuw, weduwe van Jacques Clement Dumont, wonend te Hoegaarden en Dymphna Dumont, bijgestaan door haar echtgenoot Albert Bail, rechter te Brussel en wonend te Vorst. Dit laatste perceel was verworven in gemeenschap door het echtpaar (+ Hoeg. 19.05.1909) Jacques Clement Dumont – Elise Rosseeuw. (2)[2]

Jacques Clement Dumont die in mei 1909 overleed heeft nog altijd zijn grafkapel staan op het oude kerkhof dat gelegen was, zoals overal eertijds, rond de kerk (3)[3]; het graf Troost, dat we graag bewaard zouden zien op het huidige kerkhof, kan een restant zijn van de verkoper van het perceel va 26 a. aan de gemeente.

Het nieuwe kerkhof werd ingezegend door de deken van Tienen op zondag 15 februari 1925

Wie een eigendom had op het oude kerkhof kreeg op het nieuwe dezelfde ruimte. De overbrenging van de lijken en monumenten vielen wel ten laste van de belanghebbenden. Toch werden er nogal veel begraafplaatsen overgebracht, maar we beschikken over geen enkele lijst en kunnen alleen speuren (vooraleer het definitief te laat is) waar, welke en of er nog restanten zijn.

De twee graven Tomsin

Familie Tomsin Auguste (Goetsenhoven 1820-Hoeg. 11.11.1887)-Rosalie Dotremont (+ 1900) en zoon Charles (+ 1914) (concessie verleend op de gemeenteraad van 12.04.1888 aan zijn weduwe Rosalie Dotremont)

Merkwaardig: een maand vroeger, op 05.03.1888 werd aan Sieur Fortemps Florent Joseph 35 dm² verkocht voor een monument op het graf van zijn overleden echtgenote, maar de gemeenteraad besluit dat in het vervolg er nog alleen concessies zullen verleend worden van minstens 2 m², gezien het kerkhof meer dan groot genoeg is! In 1922 bij de beslissing een nieuw kerkhof te bouwen klinkt dat zo: ‘Het oude kerkhof is te nat en veel te klein…’

Familie Tomsin vraagt 2m² op 23.09.1900 en 2 schepenen worden door de gemeenteraad aangesteld om het terrein te evalueren dat zal afgestaan worden; zeggen er bij dat kerkhof groot genoeg is om particuliere concessies toe te staan. Rosalie Dotremont, de weduwe van Auguste Tomsin was de week daarvoor overleden.

Op de gemeenteraad van 13.10.1901 wordt door dezelfde familie terug dezelfde vraag gesteld en de twee zelfde schepenen zullen dezelfde procedure uitvoeren. Nu was het voor een concessie op het kerkhof voor de oudste zoon van Auguste, Hubert, echtgenoot van Zénobie Winant overleden op 18 februari 1901

August Tomsin 11.11.1887 Hoegaarden
Auguste Tomsin

August Tomsin (Goetsenhoven 15.02.1820– Hoegaarden 11.11.1887), was brouwer op de Vroente en trouwde te Hoegaarden 04.11.1847 met Dotremont Rosalie (Hoeg 10.05.1822- 17.09.1900), dochter van Jacques Norbert (Libert) Dotremont x Cath Nijs uit het Nieuw Paenhuys op de Beek, later brouwerij Den Duc (hoek Vroente Tiensestraat, bouwwerf nu); Rosalie was tante van Den Duc

Brasserie Tomsin
Familiegraf Tomsin – Winant met op de marmeren plaat achteraan de eretekens van Leon Norbert Tomsin (1884-1935)

Familiegraf Tomsin – Winant: de laatste brouwer van het oude Hoegaardse witbier en opvolger van ‘Den Dipper’ was Louis Tomsin (Hoeg. 1881-1967), die stopte met brouwen in 1957), hij was zoon van Hubert Tomsin, die getrouwd was met Zénobie Winant, dochter van de molenaar op de Grote Molen (hieronder hun familiegraf); dit koppel verwierf in 1880 de hoeve ‘Willecom in den Struysvoghel’.

Louis Tomsin had geen opvolger om de brouwerij verder te zetten

A la mémoire de Monsieur Auguste Tomsin, Né à Gossoncourt le 15 février 1820 – décédé à Hougaerde le 11 Novembre 1887

A la mémoire de Monsieur Auguste Tomsin, époux de Madame Rosalie Dotremont
Né à Gossoncourt le 15 février 1820 – décédé à Hougaerde le 11 Novembre 1887
Et de son épouse née à Hougaerde le 10 mai 1822 et décédée le 17 septembre 1900

leur fils Monsieur Charles Théophile Tomsin Né à Hougaerde le 18 décembre 1851 et y décédé le 18 avril 1914

Et de leur fils Monsieur Charles Théophile Tomsin
Né à Hougaerde le 18 décembre 1851 et y décédé le 18 avril 1914
Et de leur fille Mademoiselle Marie Emilie Tomsin née à Hougaerde le 30 décembre 1840 et y décédée le 2 juillet 1928
Concession à perpétuité – R.I.P.

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-205-53ste-jaargang-4-2016

Bronnen en citaten[+]