Ga naar de inhoud

De Beekbewoners aan de Westkant

De Beekbewoners aan de Westkant van het huidige Parochiecentrum tot aan de ‘Beek’ (vervolg)

De Breus(schaul)

De Breus(schaul) of de ‘Ecole de l’immaculée Conception’ (De Onbevlekte Ontvangenis), De parochie had nog geen eigen schoolgebouw en evenmin een woonst voor de broeders in 1900. De eerste maanden van hun verblijf te Hoegaarden hebben de broeders hun intrek mogen nemen in het huis van de familie Stockmans. [18][1]. Op Goede Vrijdag, 5 april 1901, namen ze hun intrek in de gebouwen van wat nu het parochiecentrum is op de Tiensestraat. Hun woonst was bewoonbaar, de schoollokalen moesten nog gebouwd worden. Dat broederhuis was vroeger een grote schuur, nu herbouwd in een gerieflijke woonst. Recht over de schuur stond vroeger een groot woonhuis, een weinig gotisch van stijl, en een stalling voor 15 paarden. Op de voorgevel las men: ‘Café Julien. Ecurie pour 15 chevaux.’ Deze gebouwen waren nu zo goed als afgebroken en op dinsdag 15 oktober 1901 zouden de nieuwe klaslokalen ingewijd worden. 

De broeders gaven de school te Hoegaarden op in 1920 wegens gebrek aan voldoende gediplomeerde onderwijzers [19][2]. Ondertussen was er een plaatselijk schoolcomité sinds 1913 [20][3] en de school werd verder gezet met lekenleerkrachten. De gebouwen werden overgenomen door de ‘Parochiale werken van de dekenij Tienen’ in 1924. Met het schooljaar 1972/3 verhuisde de school naar de zusters.

School der Onbevlekte Ontvangenis

Jekke Koeizijk en Pikke Mondag.

Ze bewoonden een huis met winkel en een kleine boerderij met stallen en een schuur die uitstak tegenover de ander huizen. De schuur was gebouwd met zichtbare balken en daartussen gewit. Jekke dankte haar naam aan de grote gierpoel én mesthoop voor haar deur en het sterk reukje dat daarvan afkwam. En Pikke rook al niet veel beter als hij zat was: dan kakte hij in zijn broek waar hij zat of stond.

Jekke verkocht snoep in horekens die ze uit oud gazettenpapier had gevouwen. En als de kinderen snoep kwamen kopen moesten ze achteraf “de lege horekes” (sic) terugbrengen want dat kostte geld!
De bronnen zijn schaars over haar afkomst maar ergens was ze familie van Waar Maes.

 Waar de schuur van Jekke stond zal Lewie en Klara van de Sirk later een huis zetten alwaar ze velowinkel begonnen. Op de plaats waar eens de mesthoop stond bouwde Lewie ’n tweede huis dat later zou bewoond worden door het gezin van Rutte (Robert) Van Nerum, van 1938 tot 1950. De laatste twee jaar bracht hun zoon Tuur zijn kersverse echtgenote, Josée Coenen (de bloemiste), nog mee onder ’t dak.

Schets Beekbewoners

Chil (Kastrol) van Jakkes

Au mouton blanc

Chil (Kastrol) van Jakkes, getrouwd met Leeske; hun dochter Julia zal later de stoffenwinkel, rechts in het huis, openhouden. Ze heten in feite Ausloos.

De andere dochter trouwde met Charel Rosier van de winkel (Tissus, Confections) op de Plek. 

Later werd vóór de winkel ’n tweede gebouwd, gelijk met de gevel van de andere huizen ‘Au mouton blanc’.

Hun zoon, Mon van Jakkes, trouwde met een meiske van Van Winkel van op de Vroente

Achille Ausloos x Elisa Dotremont en Raymond Nagels (bovenste rij) Felicie Dotremont, Emma Dotremont met Irma Ausloos, Pa Jakkes (Jean Dotremont x Julienne Van Ex), Odile Dotremont en Lucien Nagels (onderste rij) -.

Achille Ausloos x Elisa Dotremont en Raymond Nagels (bovenste rij)
Felicie Dotremont, Emma Dotremont met Irma Ausloos, Pa Jakkes (Jean Dotremont x Julienne Van Ex), Odile Dotremont en Lucien Nagels (onderste rij)

Schets Beekbewoners

Waar (Edouard, Edward) Maes

Bezat veel huizen op de grote weg van Tienen naar Geldenaken.
Zijn schuur stond waar nu (ca. 1980) ’t Gemeentekrediet staat, en iedere zaterdag, als iedereen zijn braai (= de stoep) had gekeerd (= geveegd), kwam Rekes of Vital met ’n kruiwagen hooi door de hele straat en niemand zei er wat van.

Waar Maes (’t boerke van Waar Maes) woonde in het grote huis.

Kinderen: drie jongens, drie meisjes.

De zonen waren:

  • Rekes Bluts, die jongman bleef;
  • Leander, de chef van de statie in Tienen:
  • Vital, die trouwde met Dil Kaaien (Odile Vandermolen) en ze kregen 3
    kinderen: Henri, Hilda en Matilleke; Hilda zou later trouwen met Rik van de ‘Plezanten Hof’ (Delmotte), wiens zuster Maria, trouwde met Jos Peeters, één der bronnen van dit ‘BEKELANT’.

De meisjes waren:

  • Octavie die jongedochter bleef en met Rekes het huishouden bleef doen:
  • Palmyre;
  • Mathilde, die later de moeder werd van Palmyre, de moeder van Irène van Delmulle.

Naast Waar (Edouard, Edward) Maes

Naast het grote huis van Waar Maes stond er nog ’n kleiner dat van hem was. Eerst bewoonden Ree Bessem en Zwette Jeanne dit huis. Ree is ’n zoon van Bare Bessem(ans) die meer dan 100 jaar werd; Ree en Jeanne hadden 3 kinderen: Stéphanie, Albert en Gustaaf. Daarna kwam Florent Beccauw uit Rommersom er ’n velowinkel openhouden, samen met zijn vrouw Ermendine.

Heel op het einde woonde in dit huis ook nog Fonke Vaaske, de “kremboor” (ijskreem venter), wiens vrouw later in Oteppe zou verongelukken. Dit huisje werd later opgekocht door Staaf Peeters, broer van Palmyre, getrouwd met Makke Kwest (Hardiquest).

 Marikke Bolle

Marikke Bolle, getrouwd met Constant Stevens. Eén van hun dochters was Emeleke die later de moeder zou worden van Miel Mathijs van Overlaar, Maria en Germaine.
Marike Bollen had een winkeltje waar men boekshering (= bakharing), stokvis en pekelharing kon kopen en toebak, mostaard en zelfgemaakte lekpijlen.

De familie van Marcel Vlasselaers

– De familie van Marcel Vlasselaers woonde neven de Canal; de vader was Bare, de mandenmaker en zijn vrouw was Merikke.

De Canal ‘Au canal de Louvain’,

Was eerst een afspanning waar reizigers konden overnachten. De allereerste telefoon van Hoegaarden was in de Canal, en allen daarheen. ’t Was zo’n geval om te draaien. Frans (den Donker) van de Canal was ’n gepensioneerde gendarm en naast het huis was vroeger ’n paardestal waar de collega-gendarmen hun paard konden laten rusten.

Frans had met zijn vrouw Stéphanie Roeks (Schoofs) twee dochters. Allebei schoon vrouwen. Marie-Louise trouwde met Paan van de Kloosterstraat en Margritte (de boonstaak) huwde met een Merckx van Kumtich, de granenmarchand en die was ’n duivenkampioen. 

Frans verbouwde de paardenstal in winkel voor hoejes en klakken voor zijn ene dochter en in het linkse gedeelte van de Canal maakte hij ’n specerijenwinkel voor zijn andere dochter. De Canal stond op de hoek van de grote weg en de Stupkensstrot.

Bare Boi, Trees Pit en Jekke de Lameer

En dan stonden 3 kleine huisjes wat achterin en dwars ten opzichte van de Stupkensstraat

  • In het eerste woonde Bare Boi, de smet;
  • In het tweede Trees Pit
  • In het laatste Jekke de Lameer; in dit huisje zou ‘Rapid’ (Edward Boesmans) ’n kortstondige carrière hebben van ‘snelle kapper’.

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-211-54ste-jaargang-2-2018

Bronnen en citaten[+]