Ga naar de inhoud

219. Steenweg naar Tienen

Een nieuwe Steenweg naar Tienen (1771)

Ondanks de zware last veroorzaakt door de heropbouw van de kerk, heeft de gemeente Hoegaarden in 1771, een tweede groot werk durven aanpakken, nl. de aanleg vaneen nieuwe Steenweg naar Tienen. 

Ten gevolge van de zeer drukke bierhandel, was het verkeer der zwaarbeladen bierwagens zeer druk en hadden onze oude straten en wegen het erg te verduren. 

De afstand te verrijden op Hoegaards grondgebied was gering in vergelijking met de lange reizen die moesten ondernomen worden; waarom dan die hoge kosten?
Een greintje pronkzucht en wat reclamegeest zullen niet vreemd zijn geweest aan de aanleg van deze nieuwe Steenweg; de talrijke vreemde bierhandelaars die Hoegaarden aandeden om hun waren af te halen, moesten toch een goede indruk meedragen van die bloeiende Gemeente waar het “Hoegaards” werd gefabriceerd.
Ten andere, Leuven had in 1750, zijn kanaal Leuven-Mechelen aangelegd om zijn handel uit te breiden; daar kon Hoegaarden niet tegenop en zou het met wat minder stellen: een goede verbinding met Tienen, waar de grote Steenweg Luik-Brussel werd vervoegd.

Op 15-11-1770 werd aan de Gemeente de nodige toelating verleend om dit groot werk uit te voeren. De nieuwe bestrating zou 31.641 florijnen kosten. De graaf d’Oultremont zou dit beginkapitaal voor schieten: het zou nadien afgelost worden door een speciale taksheffing op de brouwerijen en door inning van bareelgelden.
Om die Steenweg naar behoren te leggen, dienden twee bruggen gebouwd te worden: één te Groot-Overlaar en één te Klein-Overlaar.

Enorm veel zand en kassei was ook vereist: juist geteld moesten 280.248 kasseien gekapt een aan gebracht worden. De “slaegers”, de steenkappers zouden de steen wel kappen en 43 boeren van Hoegaarden zouden met hun “bottelkarren” de kasseien en de zavel wel ter plaatse brengen. Alle kasseien en 7.000 voet borduurstenen kwamen uit de steenkuilen van Overlaar en Rommersom. 

Er waren toen 7 steenkuilen in uitbating, groeven die toebehoorden: één aan de Gemeente en de overige aan eigenaars van Hoegaarden.

  1.  De steengroeve van de “gemeynteberch
  2.  De steengroeve van ‘s “meyerslandt (Rommersom)
  3.  De steengroeve van de Reugelstraat (straat tegenover het kasteeltje van Overlaar)
  4. De steengroeve van het land van Damsien.
  5. De steengroeve van de Oorbeekse Straat.
  6. De steengroeve van het Sweertsland (te Rommersom).
  7. De steengroeve van Orbaen en Botsonland.

De ondernemers-steenkappers, de “slaegers” schijnen meestal walen uit de streek van Jodoigne te zijn geweest.

  • Lambert Vandermolen
  • Martin Le Cler
  • Théodore Wagnieux
  • Jean de Diest
  • Moné
  • Fr. Michiel
  • Rochus.

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-219-56ste-jaargang-2-2020