Ga naar de inhoud

Het rusthuis ‘Sint-Jozef’, alias het ‘Pannenhuys’ in de Tiensestraat

Het Pannenhuys als Rusthuis 1953-2006
De oudste gegevens

In de Tiensestraat te Hoegaarden, op de plaats waar van 1953 tot 2006 het Sint-Jozef-Rusthuis staat, bevond zich in de XVIII° eeuw ‘een Huys met eene stagie en vier vensters, eene brouwerije in voeghe voor gebruyck, hof, block en aanhanck, groot ses dagmaelen regenoten den steenwegh op Thienen …’

Deze woning die bij de grootste huizen van het dorp werd gerekend, stond in het jaar V van de Franse Revolutie als eigendom vermeld van Brouwer Franciscus Vandermolen, die op zijn beurt tot de grote eigenaars van Hoegaarden behoorde.
Vermits hij dit huis in 1797 als zodanig aangaf om de grondtaksen te laten berekenen, had hij het al veel langer in bezit en zou het reeds rond 1765 hebben bewoond, bekomen uit de nalatenschap van zijn ouders, na uit de onverdeeldheid te zijn getreden met zijn broeders en zusters.

Joannes Franciscus Vandermolen werd gedoopt te Hoegaarden op 02-07-1722, als tiende kind en zesde zoon van Meester-Brouwer Bernard Vandermolen uit het ‘Groot Paenhuys’ en Barbe Windelincx uit Grimde bij Tienen, respectievelijk overleden in 1743 en 1761.

Op 19 maart 1762 trad hij in het huwelijk met de brouwersdochter Anna Catharina Struys, geboren 24-04-1736 als kind van Brouwer en Schepen Hendrik Struys uit Hauthem (stichter van de Struysgilde binnen de Confrérie van de V Geslachten) en van Elisabeth Sweerts (dochter van Meester-Brouwer en Schepen Servatius Sweerts uit de Paradijshoeve en van Catharina Peeters uit de Cruysblock en de zuster van Servaes Sweerts, griffier in de Regentie).
Door zijn huwelijk met een dochter uit deze ‘eersaeme’ geslachten, trad hij toe tot de groep der bevoorrechte Schepenfamilies, die te Hoegaarden de scepter zwaaiden en alle bestuursteugels in handen hielden. Behorend tot de machtige brouwersgilde werd hij dan ook snel in de dorpspolitiek betrokken, en werd gezworene in de Dorpsraad, functie die hij nog steeds bekleedde in 1789, toen te Hoegaarden de revolutionaire troebelen tegen de oude geslachten losbraken.

Hij overleed op 28 augustus 1812 en had twee zonen en zes dochters. De tweede zoon, ook Joannes Franciscus genaamd, geboren op 8 november 1764 en in 1786 getrouwd met Elisabeth Pareng uit Tienen, kwam na de dood van zijn ouders in het bezit van voornoemd eigendom.

Hij woonde zelf in Overlaar en verhuurde het goed, dat dan later, in 1830 werd verkocht aan hun neven Constant Vandertaelen en Elisabeth Van Nerum. Dit ‘Pannenhuys’ wordt in 1953 het rusthuis.

Het testament

Het testament van Elisabeth Van Nerum voor notaris Swinnen 29 juli 1874

Voor notaris Eugène Swinnen van Tienen en in bijzijn van de getuigen Léopold Pilloy, steenkapper, August Everard, landmeter, August Ausloos, landbouwer en Eugène Medaers, herbergier, allen wonend te Hoegaarden, liet Elisabeth Van Nerum, weduwe van Constant Vander Taelen, haar testament optekenen.

Zij schenkt aan de gemeente Hoegaarden :

  1. Haar woonst, omvattend een woonhuis, schuur, stallen en paardenstal, met ommuurde mesthof, en de tuin omsloten met een haag, en al de andere aanhankelijkheden die er deel van uitmaken; het gaat hier om 26a. 34ca. gelegen tussen de Tiensestraat en de kerkweg en grenzend met de twee andere zijden aan Maes en Dewil al het linnen en de meubels zullen eveneens naar de gemeente gaan;
  2. 50a. 50ca. land , gelegen op het ‘Smisveld’ (Koningin Astridlaan), grenzend aan de kerkweg, juffrouw Coenegras, de ‘Kalverstraat’ en Coenen;
  3. 26a 34ca. onder Overlaar;
  4. 1ha. 36a. 72ca. land aan de ‘Dievenstraat’ naar Oorbeek;
  5. 47a. land aan de groene weg;
  6. 36a. land aan de ‘Reugelstraat’.
Schenking van Elisabeth Van Nerum aan de gemeente 1874

De woonst-boerderij-brouwerij in 1885; Brouwen gebeurde in de 19de eeuw nog steeds in een annex van de boerderij, zonder specifieke benaming; na 1856 (+echtgenoot) werd er niet meer gebrouwd

Voorwaarden testament

En ze stelt volgende voorwaarden:

  • Het geheel onder 1 vermeld hierboven zal door de gemeente moeten ingericht worden tot een burgerlijk hospitaal voor zieke mensen van Hoegaarden en de gemeente moet er voor altijd blijven zorgen dat er bedden beschikbaar zijn en alle overige zaken om een goed onderhouden hospitaal te hebben;
  • Ook wens ik dat dit hospitaal er komt in het jaar van mijn overlijden en dat er op de voorgevel, boven de ingangsdeur volgende tekst wordt aangebracht op een blauwe steen samen met het jaar van mijn overlijden: ‘Hospice Vander Taelen et Vannerum’ (sic).

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-214-55ste-jaargang-1-2019

Outgaarden ca. 1900 door de bril van pastoor Figeys

 

 

[28][1]

Gegevens

  • Uitgestrektheid van het grondgebied: 108ha 19a (07.06.1807)
  • Bevolking 31.12.1899: ca 800,
  • 602 communicanten [29][2]
  • 21 dopen
  • 11  overlijdens
  • 3 huwelijken

Pastoor Joannes Franciscus Figeys
(Brussel 13.06.1837, gewijd: 17.12.1864, pastoor benoemd: 24.06.1881)

Nam ontslag als pastoor na een beroerte

Tot belooning van een onberispelijk leven, schonk God hem eene heilige doud. H. GHE, VAN NAZ.
TER ZALIGER GEDACHTENIS
VAN DEN EERWEERDEN HEER
Joannes-Franciscus FIGEYS
GEWEZEN PASTOOR VAN AUTGAERDEN
AALMOESENTER DER CLARISSEN-COLETTIENEN

Joannes Fransiscus Figeys

geboren te Brussel den 16 Juni 1837, en godvruchtig in den Heer ontslapen te Leuven den 7 Augustus 1908, voorzien van de HII. Sacramenten.

Hij was een weldoende herder, den arme en ongelukkige behulpzaam, liefdadig voor de schooljeugd, bedaard en minzaam, altijd opgeruimd, zijne plichten getrouw, vol liefde tot God en den evennaaste.


Met beroerte geslagen en door een langdurige ziekte beproefd, heeft hij dezelve met de grootste verduldigheid verdragen. Noch zorgen, noch gebeden konden zijne kwaal genezen. De wil des Heeren is geschied; zijne heilige Naam zij gebenedijd!

Broederschappen

  • O.-L.-Vrouw van de H. Rozenkrans (10.07.1881): 81 leden; het doel is de mensen aan te zetten om elke week drie ‘rozenhoedkens’ te bidden met het overdenken van de 15 mysteriën.
  • Broederschap van de Gedurige Aanbidding (10.07.1862): 330 leden; het doel is een onafgebroken aanbidding te hebben van O. H. Jezus Christus in zijn ‘aanbiddelijk Sacrament’ op den dag van de ‘Gedurige aanbidding’: 16(?) juli.
  • De godvruchtige vereniging van de H. Kruisweg (16.01.1876): 324 leden; doel: de wekelijkse oefening van de H. Kruisweg door de leden.
  • De Derde Orde van Sint Franciscus (16.02.1900): 16 mannen; 36 vrouwen; het doel is de mensen aan te zetten christelijk te leven, om ze van de gevaarlijke vermaken af te trekken en de christelijke ‘zede in de familie te doen erleven’ (sic); bijzondere feestdagen: H. Franciscus, H. Ludovicus, H. Elizabeth.

Kapellen

  • Aan het ‘oostuiteinde’ van de parochie staat de kapel van de H. Rochus (1675); de weekmis [30][3]werd daar gelezen tijdens de opbouw van de kerk in 1760; op 20.04.1760 werd het H. Sacrament naar daar gedragen.
  • Er is een kapel van O.-L.-Vrouw aan de baan van Zittard, aan het pachthof van Claes (nu Nijs)

Kerkhof

Het kerkhof ligt aan de kerk.

Het leven

De bevolking legt zich toe op de landbouw en een beetje op de koophandel (hoornvee en verkens). Onze boeren verbouwen tarwe, rogge en haver, enz. en een beetje vlas, maar vooral suikerbieten.

Gemeenteschool

Men spreekt hoofdzakelijk Vlaams en een weinig Waals.

Er zijn twee gemeentescholen, één voor de jongens met als onderwijzer Philibert Rowie die 76 jongens telt en één voor de meisjes, met als onderwijzeres Boeijn (Bouyen) en waar er 81 meisjes zijn ingeschreven.

Maatschappij der onderlinge bijstand

Er is een ‘maatschappij der onderlinge bijstand’ opgericht in december 1900, met als voorzitter de heer pastoor, en als schatbewaarder en schrijver de onderwijzer.
Er zijn 2 beschermleden en 8 ereleden. De maatschappij telt 23 mannen, 9 vrouwen en 7 kinderen, en er zijn er nog 5 bijgekomen, zodat we nu in totaal 53 leden hebben. Dit leverde ons in totaal voor het jaar 1900 een storting op van in totaal 111 frank.
Op 9 maart 1901 tellen we al:55 gewone leden en 18 bescherm- en ereleden, zodat we nu 184 frank in kas hebben.

Autgaerden L'église

Geschiedenis

Vóór 1559 waren Lumay en Outgaarden bisdom Luik

In 1559 gaat Lumay over naar het bisdom Namen en Outgaarden naar Mechelen
Vóór 1559 hoorden beiden bij het concilie van Jodoigne, na 1559 gaat Outgaarden over naar de dekenij Tienen.

Het patronaatsrecht, het benoemingsrecht van de pastoor ligt bij het kapittel van Visé.
De kerkvisitatie, het controlebezoek van de deken aan de parochie van 1588, leert ons dat de parochie Outgaarden een kwartkapel [31][4] is.

Na de Franse Revolutie niet erkend, werd een oratorium afhankelijk van Goetsenhoven
Kerkfabriek van Lummen stemde in 1809 een toelage van 500 frank voor een dienstdoende priester, een toelage die vernieuwd werd in 1821. Ook koning Willem weigert de erkenning in 1825. Maar in 1842 wordt Outgaarden weer een volwaardige parochie.

Sint Niklaas kerk Outgaarden

De kerk heeft twee beneficiën:

  • De beneficie van O.-L.-Vrouw, die uit 4 bunder bestaat, belast met een wekelijkse mis (inkomen in 1618 was 40 gulden)
  • Het beneficie van Sint Pieter, 1 1/5de dagmaal [32][5] land belast met 1 mis om de twee weken (inkomen was 4 gulden in 1618)

In 1640 worden de twee stichtingen verenigd met de pastorij.

Autgaerden Sint Rochus kapel - Ecole des garçons

Vrome stichtingen:

  • Fundatie E. H. Balthazar Schoenans, kanunnik van Sint Leonardus Luik, stichtte een tweede mis op zondag; hij gaf een rente van 108 frank (= huidige waarde) door zijn testament van 27.07.1759 bij notaris Andries te Tienen; deze rente is door een nieuwe titel erkend bij notaris Philippe Andries op 19.03.1834 en afgelegd door acte bij notaris Putzeys te Hoegaarden (08.05.1844)
  • De donderdagse mis was een fundatie van Desiderata Nijs, wed. van Matteus Nijs, gesticht in 1760, waarvoor ze een kapitaal van 1.500 gulden naliet aan de kerk (is teniet).

Studiebeurs Henri-Joseph Rega

H. J. Rega op Leuvens stadhuis

Op 17.07.1754 zijn er door acte voor notaris Eijckermans te Leuven twee studiebeurzen gesticht door Joseph Rega, primarius en doctor in medecijnen in de universiteit te Leuven

  • ten voordele van zijn familie wat betreft de eerste beurs.
  • De 2de komt ten goede aan inwoners van Leuven, Hoegaarden, Outgaarden en Lumay. Als collateurs fungeren de pastoor van het Groot Begijnhof Leuven en de pastoor van Outgaarden. Nu is dat de beurzencommissie van Brabant.

Hij was zoon van Pierre Rega (Outgaarden 23.12.1646- Leuven 29.06.1731).
Henri-Joseph is te Leuven geboren op 26 april 1690. Hij werd dokter in de geneeskunde aan de Leuvense universiteit. In 1717 was hij al prof aan dezelfde instelling en in 1719 werd hij er zelfs de rector van.
Zijn vader Pierre Rega was gehuwd te Leuven op 23 mei 1677 met ene Elisabeth Mertens van Leuven. Haar vader had een blekerij in de parochie van Sint Kwinten.
Pierre werd vrij vlug weduwnaar en hij ging een tweede huwelijk aan met Christine Van Herberghe uit
Hoegaarden. Zij was dochter van Henri Van Herberghe en Marie Van Mol.

De gilde van St-Sebastiaan, die in het jaar 1642 een cijns van 2 deniers betaalde . In het jaar 1729 verkreeg zij van de gilde van Leuven een nieuw reglement; nu bestaat de gilde nog maar uit enige mannen zonder invloed. “Het Schuttershuys is verkocht geweest door de regering (sic) met een rente van 6,84 frank voor twee missen. ‘Zij bezitten noch hunne braak verschierd met zilvere platen hunne vaandel, die bewaard woorden bij den hoofdman. De plechtige bijeenkomst is met de feestdag van St-Sebastiaan. Alle drij jaren op Sinxendag schieten zij den vogel om enen nieuwen koning te noemen.”

Ex-libris van H. J. Rega

De parochieregisters (dopen, huwelijken, sterfgevallen) zijn vanaf den 22 september 1796 begonnen door Benedictus Joseph Clement, pastoor in de tijd van de vervolging tot heden, uitgenomen van het jaar 1811 tot 25 oktober 1816, die ingeschreven zijn in de registers van de kerk van Lumay
Eene note boeck van Laurentius Van Meldert, pastoor in 1759

Grafstenen

1. In de oude kerk

In de oude kerk voor 1760 lagen verschillende grafstenen, maar alle zijn in stukken gekapt om te dienen voor buyten trappen van de pastorij naar den hof en zijn totaal versleten; op een stuk kan men nog lezen: ‘jare 1684. 8 Februarij. Bid voor zijn ziel’.

2. Op het kerkhof

staat een stenen kruis met volgende tekst: ‘Hier leyt begraven de eerbare Barbara Van Lammes, Huys(vr)e van de eersamen Servaes Rega die stierft in den jare 1676 den 26 september’.

3. Op de muur van de kerk

‘DOM quiete et memoriae Joannis Ambrosius De Walhyns, Ecclesiae Sti Nicolai in Autgaerden pastoris qui dum pestifera grassaretur luens, gregen rectore ex inopinato orbatum, prius vicariae dein proprio nomine annos 36 rescit omnibus omnia factus ; Natus Thenensis VII decembris 1800, obiit in Autgaerden XXXI decembri MDCCCLV. Haec ad latera templi cujus decori promovendo nunquam non strident. Requiescat in pace’.
Soror fratri desideratissimo hoc monum. Cui

4. Nog aan de muur van de kerk:

Overleden aan een besmettelijke ziekte

  • Petrus Wirix (St-Pieters Vissenaken 28.07.1781-20. .1827)
  • Charles Lebegge (+14.09.1794)
  • Théres Nijs (+06.04.1800)
  • Caroline Lebegge (+28.03.1806)
  • Guillaume Nijs (+01.03.1808)
  • Nicolas Lebegge (+02.11.1816)
  • Anna Lebegge (+05.09.1838)
  • Elizabeth Lebegge (+08.02.1841)
  • Philippine Lebegge (+16.11.1846)
  • Catherine Lebegge (+09.04.1855)
  • Angelique Dandoy (+29.04.1859)
5. Langs de kant van de straat:
  • À la mémoire de Mademoiselle Marie Thérèse Hanset (ZL 24.123.1812 – Outg. 13.07.1886)
  • J.B.Vandermolen (Hoegaarden 27.11.1820-Outg. 26.03.1887) et de son épouse M. H. Hanset (ZL 27.04.1820 – Outg. 13.01.1887)
  • Marie Joséphine Everard, (Outg.21.07.1855-21.09.1889), echtg Gustave Alphonse Vandermolen
  • Marie Elizabeth Degrez (1802-84) en echtgenoot Joseph Fumier (1804-88) 
Kapel van O.-L.-Vrouw van Smarten achter de hoeve Claes (hoeve Nijs)

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-214-55ste-jaargang-1-2019

Bronnen en citaten[+]

Brouwerij Coenen (Zétrud-Lumay)

Herinneringen aan brouwerij Coenen (Zétrud-Lumay), met Hoegaardse roots.

Brouwerij Coenen: Brasserie de la Ghete "Blonde"
Brouwerij Coenen: Brasserie de la Ghete "Blonde"

Het is de oudste zoon van Vitaline Van Autgaerden: Jean (Jean-Baptiste) Coenen die molenaar en brouwer was op de molen aan de Gete te Zétrud Lumay; hij werd geboren te Zétrud-Lumay op 7 juni 1875 en trouwde met Phinx Corbusy

Brouwerij Coenen : Zicht op de molen van Lumay (2019)

De familie Coenen haalt op enkele sites herinneringen op aan de brouwerij van hun voorvader Jean Coenen, naast de molen aan de Gete in Lumay (Zétrud Lumay). Er duiken etiketten op van “Brune de Jodoigne”, “Triple”, “Louvain Extra”,  “Brune de Menage” en “Blonde”, met de merknaam Coenen. Er zijn er ook voor “Bière blanche” en “Orge pure” onder de oudere naam Z. Falkenbergh Micret.

Deze laatste bezat zowel de molen als de brouwerij aan de Gete. De overzichtelijke site over oude brouwerijen in Waals-Brabant vermeldt hun activiteit van 1904 tot 1921. Maar onder de naam “Jos Coenen” is er ook sprake van een brouwerij in de periode 1892-1939. Andere bronnen melden de openbare verkoop, door de familie Coenen, van de brouwerij/molen al in 1912. De molen werd gebruikt voor elektriciteitsproductie. In 1952 wordt Coenen nog vermeldt als verdeler van bieren Imperial. Tot nu blijft de reputatie van de Getetriple overeind “als middel voor mensen die dienen aan te sterken”.

Een bierfles van de ‘Brasserie de la Ghète) 02.03.2017 ©Het Nieuwsblad

Het gaat hier om een bierfles van de ‘Brasserie de la Ghète), artikel in het Nieuwsblad van 02.03.2017 [26][1]

Heemkundige vindt een volle bierfles van 120 jaar oud.”

“Goed om op te drinken zal het bier wel niet meer zijn “

Bij de opruiming van een oude woning in Meldert vond Rik Cipers (83) van de Heemkring in Hoegaar den een volle bierfles. Niks bijzonders ware het niet dat die volgens hem 120 jaar oud oud.
“Help dan al eens een kel der opruimen van een oud huis”, zegt Rik. Het bestuurslid van de Heemkundige Kring wist niet wat hij zag. “In een stofferige hoek van de kelder lagen een twintigtal lege bierflessen. Tot mijn grote verbazing zag ik dat er nog een vol exemplaar tussen zat. Zowaar Hoegaardse ‘witte’, wat ik af leid uit de naam van de brouwerij die op de literfles gegrift staat: Brasserie de la Ghete Lumay. Die brasserie bestond tot eind jaren 1800. De fles met mechanisch, weliswaar verroest, stopsel, is dus zeker 120 jaar oud. Goed om drinken zal dat bier wel niet meer zijn. Maar dat is niet erg. Ik zal de fles toch niet openen. Ze is alvast van onschatbare waarde. In geld is dat niet uit te drukken. Voor mij heeft ze vooral een emotionele waarde.”

Rik Cipers bestuurslid heemkring

Rik Cipers kan het weten Hij is niet alleen bestuurslid van de plaatselijke heem kring, maar zijn vader was in Hoegaarden één van de vele brouwers, die het dorp rijk was. Rik woont nu in de Cruysblocklhoeve, destijds een majestueuze hoeve, waarin hij tal van bierattributen bewaart.

“Ik zal de fles niet openen. Ze is alvast van onschatbare waarde, in geld is dat niet uit te drukken” “Heel veel brouwers in die tijd, waren zogeheten huurbrouwers”, vertelt Rik. “Zij namen in brouwerijen in Hoegaarden bier af in vaten om dat dan thuis op flessen te trekken. Die leverden ze dan in kleine cafés en bij particulieren”.

Het bier in de ze gevonden fles komt van de brouwerij naast de Gete aan de brug richting de Vroente. Het gebouw is helaas afgebroken. Het was eigendom van de welstellende familie Van Nerum. Vermoedelijk bezat zij in de negentiende eeuw de grootste brouwerij van Hoegaarden.”
Cipers heeft ook een uitleg waar de naam ‘Lumay’ op de fles van daan komt. “Ik vermoed dat ze komt van een huurbrouwer uit Outgaarden. Dat dorp behoorde vroeger tot het Waalse Lumay, even over de taalgrens gelegen. Die van Outgaarden waren dus toen eigenlijk inwoners van wat wij nu Lummen noemen.”

De familie Coenen–Van Autgaerden

Twee broers Coenen huwen met twee zussen van Autgaerden, alle vier geboren te Zétrud Lumay. De zussen van Autgaerden stammen langs hun overgrootmoeder Françoise Van Nerum, af van de V Geslachten van Hoegaarden:

De vóórgeschiedenis van de zussen Van Autgaerden 

Jean-Baptiste Van Autgaerden

(Hoeg. 1747-1804), notaris en landmeter, was de man die te Hoegaarden een einde maakte aan de heerschappij van de oude Regentie (Sweerts!) en het nieuwe regime van de Franse Tijd introduceerde en belichaamde; hij woonde in het huidige goed Hof ter Meersche op de Vroente

2.Jean-Baptiste Van Autgaerden junior

(Hoegaarden 1777-1840), eveneens burgemeester van Hoegaarden; hij trouwde met Françoise Van Nerum (Hoegaarden 1771-1852)

3.Jacques Philippe Van Autgaerden

(Hoegaarden 1800-1881) x Thérèse Charlet (L’Ecluse/Sluizen), maar kwam te Hoegaarden de Hoeve Flemalia aanpassen en bewonen

En had als kinderen:

  • 3.1.Jean Baptiste Van Autgaerden (L’Ecluse 1828-Zétrud-Lumay 1894), landbouwer te Outgaarden en getrouwd met Henriette Collart
  • 3.2.Louise Henriette Van Autgaerden (L’Ecluse 1831-1872), ongehuwd
  • 3.3.Joseph Van Autgaerden (L’Ecluse 1834-Hoeg. 1914) x Marie Constance Adams, zij woonden in het (nu verdwenen) Vijvershof op de Nieuwstraat (E. Ourystraat)
  • 3.4.Marie Clemence Van Autgaerden (Hoeg. 1836-1891), ongehuwd, woonde in de Pastorijstraat
  • 3.5.Eugenie Van Autgaerden (Hoeg. 1840-1896)
4.Jean-Baptiste Van Autgaerden

(L’Ecluse 1828-Zétrud-Lumay 1894) x Henriette Collart (Zétrud-Lumay 1825-1885) en hun twee dochters waren:

  • Marie-Thérèse Van Autgaerden
  • Vitaline Van Autgaerden

De gebroeders Coenen (brouwers)

De twee gebroeders Coenen waarover het hier gaat zijn (niet de enige) kinderen van Jean Baptiste Coenen (Rommersom [27][2] 27.04.1804-Zétrud-Lumay 04.06.1865), molenaarsgast te Weerde en ca. 1848 molenaar te St.-Marie-Geest

Mathieu Coenen

Mathieu Coenen (Zétrud-Lumay 24.11.1849-Vaux-Chavannes 11.11.1912) x Zétrud-Lumay 29.10.1874 Vitaline Van Autgaerden (Zétrud-Lumay 11.04.1855-St.-Marie-Geest 13.01.1911), molenaar te St.-Marie-Geest

Philippe Coenen

Philippe Coenen (Zétrud-Lumay 09.05.1852-Jodoigne 15.12.1901) x Zétrud-Lumay 11.02.1875 met Marie-Thérèse Van Autgaerden (Zétrud-Lumay 11.12.1853-Zaventem 13.11.1924), begraven te Hoegaarden, brouwer-azijnfabrikant

Het is de oudste zoon van Vitaline: Jean (Jean-Baptiste) Coenen die molenaar en brouwer was op de molen aan de Gete te Zétrud-Lumay; hij werd geboren te Zétrud-Lumay op 7 juni 1875 en trouwde met Phinx Corbusy

Brouwerij Coenen als Brasserie de la Ghète

Als Brasserie de la Ghète met Bruin-(Brune) en Witbier (Blonde) van J. (Jean-Baptiste) Coenen (ca. 1910), Extra de Louvain en Brune de ménage (MENA = ménage)

Brouwerij Coenen als Brasserie de la Ghète met Bruin-(Brune)
Grafmonument van de familie Van Autgaerden op de begraafplaats te Hoegaarden
Brouwerij Coenen als bloemmolen (ca. 1940)

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-214-55ste-jaargang-1-2019

Bronnen en citaten[+]

De slachtoffers van WOII

Opzet

Ongeveer 12.000 Belgische militairen sneuvelden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het federale War Heritage Institute (WHI – Site v/h Jubelpark, KMS – Brussel) wil met het project ‘Onze Vergeten Helden 40-45’ hen verdiende erkenning geven. Uiteraard werkt onze heemkring mee aan dit initiatief.

Opzet Vzw Hoegaards erfgoed

Wat wil ‘Hoegaards Erfgoed vzw’ realiseren?
Onze uiteindelijke bedoeling is een zo volledig mogelijke gedocumenteerde lijst samen te stellen van alle slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog, zowel militairen als burgers, zowel van de verzetsmensen als de anderen. Ook de materiële schade zal in een later nummer opgemeten worden met naam en toenaam.

Lijst 

Hier volgt nu een eerste lijst met namen (en zo mogelijk foto) en een paar herkenningspunten zoals data, woonplaats in onze gemeente, … niet alleen van gesneuvelde militairen en weerstanders, maar ook van burgerlijke slachtoffers en van gesneuvelde oostfrontstrijders.
Wij hopen dat lezers die inlichtingen, documentatie, aanvulling hebben op deze lijst en/of nog andere slachtoffers kennen ons informeren, zodat wij uiteindelijk een zo volledig mogelijk beeld krijgen van het leed dat deze oorlog heeft veroorzaakt. Vergeten wij ook niet dat ettelijke dorpsgenoten de twee wereldoorlogen hebben meegemaakt!

Hoegaarden

Bollen Joséphine

(Hoeg. 17.10.1900-Wulpen 28.05.1940), [2][1] bij bezoek aan haar echtgenoot soldaat (Oorbeeksesteenweg 4)

Bonjean Alphonse

(Hoeg. 03.07.1918-01.05.1945), [3][2] soldaat beroepsvrijwilliger, oorlogsverminkte (Klein Overlaar 8) [4][3] (gewond in Duitsland, 2) (1)[4]

Bosman Isidore

(Landen 12.01.1912-Belsen/D 21.04.1945) [5][5], ‘stierf voor België’ (1)[6] (gedeporteerd, +Hartzungen, 2)  (achtergebleven, Pastorijstraat 4, 5)

Busschots Théophile Maurice

(Tienen 10.06.1914-Lendelede 27/28.05.1940), [6][7] onderwijzer, ‘stierf voor België’, (was onderluitenant reservist; zwaar gewond te Rumbeke, 6D 9Linie 8Cie, 2) (Nieuwstraat 45) (1)[8]

Casseau Alphonse

(Hoeg. 09.03.1916-), [7][9](1)[10] bakkersgast, gehuwd en wonend te Tienen in 1937

Dehennin Joseph

(Hoeg. 15.04.1904-Dortmund 00.10.1943), onthoofd te Dortmund [8][11]

Depus Philibert

(Hoeg. 19.08.1907-Antwerpen 19.05.1944), rijkswachter, (gedeporteerd, 2) (1)[12] 
(doodgeschoten, Brouwerij Loriersstraat 16; woonde te Mechelen, 5)

Kestermans Henri César

(Hoeg. 15.06.1920-Orcho/D 00.02.1945), [9][13] schoenmaker, gehuwd met Vanroelen Jeanne, ‘stierf voor België’ (1)[14] (gedeporteerd, vermist, 2) (achtergebleven, Pastorijstraat 17, 5)

Maes Joseph

(1)[15]

Mans Marcel

(Drieslinter 10.06/07?.1918-Leuven 24.01.1941) [10], [16] onderwijzer, gestorven; (Koningin Astridlaan 28) (1) [17]

Merckx Maurice Joseph

(Hoeg. 03.09.1918-Villers-le-Peuplier 12.05.1940), [11][18][12][19][12] BSH O1944/80bis en 1946/4 gesneuveld ; (Hauthem 48)(1)[20]

Peeters Albert

(Hoeg. 02.03.1915-Alès (Gard)/F 29.06.1940), Belgisch soldaat van het opleidingscentrum Ardenner-Jagers gestorven in Frankrijk; (Tiensestraat 34)(1)[21]

Peeters Henri

(Hoeg. 04.10.1904-Ellrich/D 27.12.1944) [12][22] , ‘stierf voor België’  (1) [23] (gedeporteerd, +Harzungen, 2) (achtergebleven, Vroente 35, 5)

Schoensetters Oscar Emile

(Hoeg. 31.07.1904-Ellrich 05.02.1945),[13][24] ‘stierf voor België’, Lid van Geheim leger (Breendonk 06.01.1944; Buchenwald 08.05.1944), ‘stierf voor België’ (1)[25] (gedeporteerd, 2) (in potlood toegevoegd aan 5) (Nerm 39)

Stockmans Michel

(Hoeg. 12.01.1898-Breendonk 07/17?.03.1944) [14][26], ‘stierf voor België’, gefusilleerd; (gedeporteerd, 2) (1)[27] doodgeschoten, Nerm 97, 5)

Smets Urbain Sylvain

(Hoeg. 29.12.1912-Torhout 26.05.1940) [16][28] , ‘stierf voor België; (Hoksemstraat 7)’

Taverniers Gustaaf

(Kumtich 07.06.1912-Hoeg. 06.09.1944) [16][29] ; (inwoner van Hoeg., gefusilleerd door Pz. Brig. 105 Heeresgr. B, 2) (doodgeschoten, Doelstraat 36, 5)  (1)[30] 

Trolin Marie

(Meldert 14.04.1900-Hoeg. 22.04.1944),[17][31]door granaatscherf gedood in de wijk Schoorbroek, 2) (Rommersom 11)

Troost Auguste Emile

(Hoeg. 31.01.1920), bediende bevoorradingsdiensten van de gemeente)[18][32] . (1)[33](gedeporteerd, 2) (achtergebleven, Gemeenteplaats 1, woont te Kumtich, 5)

Truyens Jos

gebombardeerd te Tienen, 10 mei 1940. (1)[34]

Vaes Florimond

(Hoeg. 07.06.1904-Ellrich/D 05.10.1944), huidevettersgast, fabrieksarbeider.[19][35] . (1)[36]; (gedeporteerd, +Buchenwald, 2) (achtergebleven, Nerm 11, 5) 

Vandermolen Julien Ferdinand

(ZL 06.07.1917-Hoeg. 06.09.1944)[20][37], monteerder-ajusteur, ‘stierf voor België’, (inwoner van Hoeg., gefusilleerd door Pz. Brig. 105 Heeresgr. B, 2) (doodgeschoten, Putzeysstraat 19, 5) (1)[38]

Vanderstukken Victor

(Hoeg. 19.07.1925-Weimar/D 09.02.1945) [21][39], ‘stierf voor België’. (1)[40]; gedeporteerd, 2) (achtergebleven, Vroente 35, idem adres Peeters, 5)

Vanmol Louis

(Hoeg. 03.07.1920-Charleroi 12.04.1944) [23][41], schrijnwerker. (Kloosterstraat 3)

Germain Stroobants

In begin 1939 in de kazerne van Henri Chapelle, sneuvelt als beroepsmilitair bij het 1ste Grenswielrijdersregiment op 11 mei 1940 te Vreren (Limburg); zijn schoonouders en echtgenote Marie Sterckx (Hoeg. 1908) zijn van Hoegaarden. (2)[42]

Meldert

Meeuwens Theophiel

(Meldert 20.01.1906-Dresden/D 04.09.1940) (3)[43]overleed aan ziekte in krijgsgevangenschap (4)[44]Grafzerk met foto op begraafplaats te Meldert

Minnot Emile

(Meldert 04.08.1899-Beauvechain 05.07.1944) (3)[45], landbouwer; door een bom gedood bij verplichte opruimingsdienst door Duitsers op vliegplein Beauvechain (4)[46]; (gedood tijdens bombardement U.S.A.A.F. te La Bruyère, 2)

Nijs Camille

(Meldert 17.05.1903-Tienen 29.05.1944) (3)[47] slachtoffer van het bombardement op Tienen van donderdag 25 mei 1944 waar 13 doden vielen waaronder Z.E.H. Deken Rochette
(door Duitse militairen gedood in de St.-Ermelindisstraat, +Meldert 05.07.1944, 2)

Outgaarden

Rens Alexander Hubertus

(ZL/Outg. 12.01.1915-00.06.1940), gesneuveld in Frankrijk [25][48], was nog geen priester, maar wel subdiaken gewijd te Mechelen 05.11.1939

Hendrickx Albert

(ZL 20.09.1881-ca. Bergen-Belsen/D 00.03.1945) [24][49];(gedeporteerd 18.03.1943, 2)

Tienen:  bombardement 1940 

Oorlog Truyens Josef Hauthem @bron André Bruyninckx Oude Fotos Tienen HLN 4 augustus 1940

Truyens Josef (Hauthem) 

Slachtoffers bombardement Tienen 1940 met o.a. iemand van Hauthem

Oostfronters Hoegaarden

Huygens Alexander

(Vilvoorde 03.01.1923-Akbullch/Rusland eind 1944/begin 1945), hulpscheikundige in de brouwerij Loriers; zoon van Romain Joseph (Lebbeke 1881-Vilvoorde 1925) en Leontine Deprail (Hoeg. 05.01.1891-Vilvoorde 23.03.1944), Leontine woonde als weduwe bij haar ouders sinds het overlijden van haar echtgenoot te Hoegaarden (waar ook nog op 07.11.1925 haar tweede zoon werd geboren), Nieuwstraat 6, tot eind februari 1944.

Oostfronters Meldert

Van Nerum René

(Renaat) (Meldert 22.04.1921-Rjabowoetwa-Leningrad 24.03 1943), gesneuveld aan het Oostfront

Herinneringsplaat WOII

Herinneringsplaat op karton (gedrukt op last van: Editions Van Steenbruggen)

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-214-55ste-jaargang-1-2019

Bronnen en citaten[+]

Alpaidis-nr-214-55ste-jaargang-1-2019

© Vzw Hoegaards Erfgoed Alpaidis-nr-214-55ste-jaargang-1-2019