Ga naar de inhoud

Statuten  (Pdf)

Statuten (tekst)

 

1631 – 1931


Palmzondag
te
Hougaarde

300 jaar Statuten

BRUSSEL
PHOTOTYPIE INDUSTRIELLE BELGE
83-85, Zwerte Vijverestraat

1931

Palmprocessie Binnenzicht Kerk Statuten ©Hoegaardserfgoed
Palmprocessie Genootschap der Apostelen en Discipelen ©Hoegaardserfgoed

De Apostelen en hunne Processie (1) [1]

De Apostelprocessie van Hougaarde kan lange, lange jaren bestaan, misschien eeuwen oud zijn; dat is niet te achterhalen.

Maar zeker is het, dat zij sedert 1631 – nu [2] 300 jaar geleden – geregeld is uitgegaan, buiten 12 jaren tijdens de Fransche Revolutie.

Zoo staat het vermeld in een oud register met perkamenten omslag, dat in het Genootschap der Apostelen met heiligen eerbied bewaard wordt.

Dit register dagteekent van 1631 en begint met een soort reglement voor het Genootschap, in geschrift van dien tijd. 

Dit reglement bevat 14 artikels; later werden, door eene andere hand en in nieuwere schrijfwijze, nog twee artikels bijgevoegd.

Inleiding

De inleiding luidt als volgt:

In den naem ons
Heeren. Amen.

Int jaer ons Heeren als men schreeff duysent ses hondert een en dertich den twelfsten Martij is alhier binnen deser vrijheydt  [3]Om zijne belangrijkheid werd Hougaarde destijds “Vrijheid” genoemd. van Hougaerde der collegialer [4]
Kerk Sancti Gorgonij ter eere Godts, ende tot stichtinghe van meerdere devotie gheordineert ende inghestelt, met consent der Eerweerdighe Capitulaer Heere Canonicke, ende Mijn Heer Pastoer, Mijn Heer Lambert de Pas als meyer deser vrijheydt Hougaerde, ende met der Heeren Schepenen der vrijheydtvoorschreven gheratificeert, en de voor goet gehouden alsulcke onse broederschap ter memorie van de twelff Apostelen Christi, alsoo inghestelt, om van jaer tot jaer op elcken Palmsondach inde Processie devotelijck ende eerlijck onderhouden te worden, ghelijck dat in vueghe, maniere ende forme hier int cort volghende ghedeclareert wordt; waer uet een ieder der Apostelen nu ten teyde ende toecomende teyden hun draghen ende reguleeren sal “.

[5]ota, Duidelijkheidshalve heb ik de oude, lange s vervangen door onze gewone s.

14 Artikels

  • Het Genootschap bestaat uit twaalf Apostelen en vier Discipelen; de Apostelen zijn gehuwde mannen, buiten den Apostel Joannes; de discipelen moeten jongman zijn.
  • Aan hun hoofd staat de Mombaarvader ” van hen verkosen ende ghedeputeert “. De huidige “mombaervader” maakt reeds ongeveer vijftig jaren deel van het Genootschap; andere leden tellen in de veertig jaren dienst.
  • Bij het overlijden van een der ” ghebroeders” wordt een opvolger gekozen.

‘Alsdan nu iemand ghestorven is, sullen zij t’ samender handt wederom binnensjaers, uyt de sollicitantes [6] die hen tot sulcks presenteeren eenen anderen kiesen, wesende van eerlijcken naem, faem ende conversatie, ende in die kiesinghe sullen zij t’ samen compareeren, ghevende alsdan een ieder daer toe zijne voose “

Palmzondag is dan de groote dag der Apostelen. Den avond te voren luidt de groote klok, hier de “dikke” klok genoemd.

De aloude ezel met het zittende Christusbeeld wordt uit de bergplaats der kerk gehaald, om gereinigd en getooid te worden. 

Die groep is uit hout, en, in eene plank onderaan, is het jaartal 1631 ingebrand. Dit jaarmerk zal latertijd bijgevoegd zijn; want deskundigen beweren dat het beeld nog ouder schijnt. In den loop der tijden werd het meermaals herschilderd en op gefrischt.

Dien zaterdagavond dan worden beeld van den Verlosser en ezel overvloedig met palm gesmukt; het Christusbeeld krijgt ook een trosje palm in de opgeheven hand. Het komt dan zoo minzaam, zoo goedig voor, met den glimlach op het wezen, lange haren, zwarten baard en roode kleedij.

Op Palmzondag, tegen het uur der palmwijding, komen de Apostelen en Discipelen met hunnen ” palmezel” onder het luiden der ” dikke ” klok ter kerk en plaatsen den ezel met Christusbeeld op een voetstuk midden der koor.

De Discipelen zitten rond het beeld, een op elken hoek; de Mombaarvader zit achteraan; de Apostelen nemen plaats van weerskanten op zij, langshenen het gestoelte.

Op het oogenblik der palmuitdeeling komen zij beurtelings, eerst de Apostelen, dan de Discipelen, dan de Mombaarvader, ten altaar en ontvangen een takje gewijden palm uit de handen van den pastoor.

Daarna begint de processie: een kleine optocht door enkele straten in den kring der kerk.

Vooraan het kruis, de misdieners, de geestelijkheid; dan het Christusbeeld door de Discipelen op de schouders gedragen, en daarnevens, op twee rijen, de Apostelen; achteraan komt de Mombaarvader.

De Apostelen dragen lange, wijde mantels van verschillende kleur; schuins over de schouders, eenen band met hunne benaming op.

De Discipelen en de Mombaarvader hebben enkel den schoudersluier, zonder opschrift, boven hunne burgerkleedij.

Achter op het hoofd dragen de Apostelen “umbraculen ” d.i. metalen plaatjes, juist lijk de heiligbeelden, op kunstige wijze in de haren vastgemaakt. (Voor enkele hoofden, op zekeren leeftijd, wordt dat een ingewikkeld probleem).

Vernieuwing der apostelen hunne oude devotie Beginnende het jaer 1800 ses den 30ste meert geschiet tot stigting ende vervoordering alzoo het selve voor ingestelt is (voor memorie).

Verder heeft elk der Apostelen ” zijne wapenen “.

Daarover staat in de Statuten:

“Daeren boven sullen zij gheschicktelijk ende devotelijck gaen, om die Processie te vereeren, gekleedt wesende apostolischerwijse daerbij hebben- de een ieder zijne wapenen daer toe gheordineert ende vergheselschapt wesence van haren mombaervader van hen verkosen ende ghedeputeert” 

Toen in het jaar 1806, na schorsing van 12 jaren om reden der Fransche Omwenteling, de processie haren jaarijkschen optocht weêr hervatte, heeft mombaarvader Henr. Norbertus Nijs [7] de namen der Apostelen, het jaar hunner verkiezing, hunnen rol en wapens in dezer voege ingelascht : (Zie voorgaande tabel)

De kinderen van Hougaarde – en dit staat in het oude handschrift niet vermeld  [8] nemen ook een merkelijk deel in de plechtigheid. Zij zijn alle daar; zij dragen palmbossen op stokken, zwieren en zwaaien, geven hunne kindervreugde lucht met gebaar en ook met galm. Treden zij wellicht op als de “Kinderen der Hebreeuwen” uit de Palmwijding? Is het misschien een zakelijke voorstelling van het woord van den Meester bij zijne intrede te Jerusalem: “Ik zeg u, indien deze zwijgen, zullen de steenen roepen“?

De Apostelen stappen statig en echt “devoteleyck“. Vroeger gingen zij barvoets” ende sij sijn ghehouden barvoets te gaen, ten vvaere datter iemand deur ouderdom offt vveeckheydt der voeten verexcuseert vvaere “.

Wanneer is dit voorschrift vervallen ? Daar is geen spoor van te vinden. Was het wellicht zeker jaar te koud? [9]

Staan wij hier voor de bestatiging van de volksspreuk: “Het menschdom verslapt“?

“gens den staet die ul: alle hebt aengenomen met vrijen wille; indervoogen en op de maniere de plichtige artikels zijn voorgeschreven int jaer 1631 12ste meert… zoo ist dat ik ul alle kome aan te porren met eene gestichtighijd vermengeld met oodmoedighijd, Beneven te bethoonen een gemorselt herte, zoo in zeden als manieren, de processie te vereerlijken, met een aldergrootste devotie weerdiglijk te mogen ontfangen het alderheijligste Sacrament des au- thaers… ende hoo beter dat wij onse plichten komen hier in te quijten, hoo soeter sal het wesen als wij ten uijtersten daghen sullen komen te verschijnen voor zijnen regterstoel, alwaer niets sal ongeloont blijven; alsdan wij alle wel zoude wenschen, saliglijk gedaen te hebben, om te mogen genieten het eeuwig erfdeel in den hemel: het welk ik uijterherte wensche dat wij allen weerdig gevonden wier den aldaer te mogen malcanderen aenschouwen voor alle eeuwighijd.”

Op ongeveer een kwartier is de processie terug in de kerk; dan begint de hoogmis.

Tijdens het Evangelie – ‘t is dien dag het Passieverhaal naar St Mattheus – staan de apostelen van hunne stoelen op, doen, eenigszins onthutst, eenen eigenaardigen kring rond het Christusbeeld en gaan de sakristij binnen.

De ezel met het Christusbeeld wordt weêr op de koor gezet, en de Apostelenen Discipelen hernemen hunne plaats.

De ezel met het Christusbeeld wordt weêr op de koor gezet, en de Aposte lenen Discipelen hernemen hunne plaats.

Dat is in de Statuten in dezer voege voorgeschreven: “Het is die maniere ende gheordineert als men op desen dagh voorschreven de Passie beghint te singen, dat sij Apostelen alsdan ueter kerke gaen, ende de selfe ghesonghen synde sullen sij vvederom in comen “.

De beteekenis dier geheimzinnige doenwijze is niet aangegeven. ‘t Is, zegt men, eene veruiterlijking van deze zinsnede uit het Passieverhaal van den dag: “Ik zal den herder slaan, en de schapen zullen verstrooid vvorden

Aan het Offertorium gaan zij ten offer: “ten offer gaen op tyt ende stondt daer toe gheordineert “.

Bij de Communie der mis naderen zij tot de H. Tafel. Zware taak! moeten nuchter blijven tot na 11 uren, voor menschen die gewoon zijn ‘s morgends reeds vroeg te eten!

En toch wordt het onderhouden; het staat uitdrukkelijk vermeld in de oude voorschriften: “Is onder ons ghebroeders ghordineert, dat een ieder der Apostelen sich teghen iederen Palmsondach sal stellen in staet van gratie, als met een oprechte berouw ende leetwesen sijne sonden biechtende, gebiecht wesende sal ontfanghen onder de hoochmisse aen den hoochauthaer het alderheiligste Sacrament des authaers“.

Eene eignenaardigheid: als zij van de communiebank terugkomen, knielt ieder vóór zijnen stoel op den grond, om de dankzegging te doen.

Na de mis blijft het Christusbeeld op de koor staan, en de Apostelen gaan stoetsgewijze naar het lokaal, waar het ontbijt hen wacht. ‘s Middags hebben zij nog een gezamentlijk noenmaal, eertijds, thuis bij eenen apostel om de beurt.

Daarover gaat het in artikel 4 der Statuten: ” Ten 4den Is een ieder der apostelen op den tyt van twelff jaeren als verobligeert alle twelff jaeren de apostelen op Palmsondach den maaltyd te gheven midts voldoende met alsulcke ghementioneert, te weten dat sij seventhien offt achtien micken sullen doen backen ende dan ghereet maecken dry schoetelen aberdaens, drij schoetelen bocxharin- ghen, dry schoetelen gheweyckte haringhen  [10], en- de dry schoetelen boonen; ende voorts eenighe potagery, t’ sy van erweten offt coolen, ende daarnae boter ende kees. Ende voorts niet meer gheleyck dat eerstmael int beghinsel van dese broederschap onder malcanderen verdraghen is gheweest, midts dat een ieder der apostelen sijn part offt deel van het bier datter op den maaltyt ghedroncken wordt sal betaelen, Den maeltyt ghedaen zijnde sullen. zy ghelyckerhandt voor de zielen der afflyvighen bidden eenen Pater noster ende Ave Maria “. 

Hier dient en daar moet nadruk op gelegd worden de bemerking aangestipt in dees artikel vermeld: ” niet meer gheleyck dat eerstmael int beghinsel van dese broederschap onder malcanderen verdraghen is gheweest “.

Dus waren er reeds statuten of althans eene regeling vóór 1631! En dan bestaat de apostelprocessie langer dan sedert 1631!

Maar is die bewering niet in strijd met het 14 en laatste artikel, dat luidt: “Ten 14den Is een ieder der nieuw gecosen apostelen verobligeert hem te laten intituleeren oft inschryven inde broederschap van onse Lieve Vrouwe, indien hy niet ingheschreven en is, alhier binnen Hoügaerde den twintighsten meert 1633 wederom van nieuws aff inghestelt ende gheordineert.”

1633! En de statuten beginnen met deze woorden ” Als men schreeff 1631 “. 

Werden de Statuten soms niet opgeteekend na 1633, toen reeds het Genootschap eenige jaren bestond?

Toch niet;dit artikel 14 is klaarblijkelijk later bijgevoegd: het geschrift is van eene andere handen veel breeder; de schrijfwijze van Hoügaerde met ü en elders met ù; oft met ééne f en elders altijd met twee “f’s, leveren bewijs van latere aanvoeging.
Zoodat te recht mag besloten worden dat de apostelprocessie reeds vóór 1631 bestond en wie weet, hoelang reeds?

Nu terug naar den maaltijd.

Deze werd in later tijden tegen den avond gehouden en de oude “menu” werd ook naar de nieuwerwetsche gebruiken gewijzigd.

Ook dient een eigenaardige doenwijze aangestipt, die nog in voege is: de beker namelijk, door St Jan in de processie gedragen, doet op zekeren oogenblik de ronde aan tafel; elkeen drinkt eruit om de beurt.

Is een nieuwe Apostel of Discipel voor ‘t eerste maal aan den disch, moet hij den beker gansch ledigen. Eigenaardig, ja! en over de beteekenis kan men vitten; in de Statuten is daar niets van opgegeven.

Op Palmzondag wonen de Apostelen, Discipelen en Mombaervader het Lof bij, op de eigenste plaats van ‘s morgends, doch in burgerkleedij.

En ‘s avonds wordt de Palmezel met Christusbeeld weêr in de bergplaats der Kerk ” gestald ” tot het volgende jaar.

De Apostelen hebben nog eene andere bijzondere plechtigheid in de maand Juli, ter gelegenheid van het feest der Scheiding der Apostelen.

Daarover de Statuten in artikel n° 10:

Ten thiensten is onder malcanderen verdraghen als dat zij alle jaeren opt t’ Scheiden der Apostelendach sullen omtrent ten thien ueren een solemneele Misse doen singhen, die welcke hunnen gheestelycken vader als Pastoer deser broederschap sal celebreeren. Ende alsdan sal een ieder ten offer gaen, ieder offerende eenen silveren penninck, ghelycke dat int beghinsel deser institutie geconcludeert is, voorts daegs te vooren opt Scheyden der Apostelen avondt sullen zy deur hun- nen knaep eens de groote klocke doen luyden, wederom op den dach voor de misse, ende naer den noen den maeltyt ghedaen zynde eens

En over dien maaltijd op dit Apostelen- feest in Juli handelt volgend artikel :

Ten elfsten den maeltyt die op desen dach bereydt sal worden, zullen zy apostelen dien eerlyck besorghen hetzy in visch offt vleesch naer ghelegentheydt des tyts, ergens in een huys daert hunnen Mombaer vader believen sal. Oock sullen zy den cost, het bier ende voorts al datter toe behooren sal, gelyckerhandt betalen naer bedrach der sommen totael, een ieder zyn part offt deel” 

In hoeverre worden die beide voorschriften nog nageleefd?

Den Zondag na 15 Juli [11], feest der Scheiding der Apostelen, wordt de vroegmis gezongen, en door den pastoor; de Apostelen en Discipelen zitten op de koor, doch in burgerkleedij; onder de mis gaan zij ten offer en ook te communie. Van maaltijd is er dien dag geen spraak meer.

Verder gaan de Apostelen in de processie van Hoogweerdig en in de Kermisprocessie, onmiddellijk voor het H. Sacrament. De Discipelen dragen de relikwiekas van St Gorgonius, patroon der parochie.

Over die processie’s staat van lateren datum, in nieuwerwetsch geschrift, het 16 en laatste nummer in de Statuten:

den 16 is geconsenteerd van ieder apostel oft discipel met syn flambie in de processie te gaen indien eenen mankeert 5 vanen bier voor boot

Het Apostelgenootschap is hoofdzakelijk, in den geest der instelling, een godsdienstig broederschap. Om lid te zijn, moeten zij, lijk hooger gezegd, wesen van eerlycken naem, faem ende conversatie “, moeten zij elkander stichten door hunne geregelde levenswijze :

Offter iemandt onder de Apostelen bevonden waer die hem misbruyckte in eenighe onbetaemelycke feyten berispens ende bestraffens weerdigh, sullen zy ghebroeders eensulcken moghen vermaenen ende calengieren naer des feytes bedrach Ende en beteren zy haer niet, eens ende tweemael vermaent synde, sullen de ghebroeders den zelven moghen reformeeren ende uet den ghetal werpen, als eenen anderen van eerlycker conver satie daer toe bequaem kiesen” 

Apostelen dezer XXe eeuw, weest fier over uw aloud Genootschap, blijft getrouw aan de richting door uwe voormalige ghebroeders,, aangegeven “ter eere Godts ende tot stichtinge van meerdere devotie,, 

 “Een eeresalut aan de Apostelen! “

Hougaarde, Meert 1931

De licentia Superiorum K. VERHOEVEN

Palmprocessie Oude Palmezel met Christusbeeld ©Hoegaardserfgoed
Palmprocessie De processie komt uit de kerk ©Hoegaardserfgoed

Meer info en beeldmateriaal  vind je op de website van het apostelgenootschap te Hoegaarden: www.apostelen.be .

Bronnen en citaten[+]

© Vzw Hoegaards Erfgoed 

Print Friendly, PDF & Email