Ga naar de inhoud

Het Romaanse kerkje van Overlaer

Eén van de oudste van ons land.

In de uitgave “Hoegaarden en zijn wandelpaden” schreven we over het Sint-Lambertuskerkje van Overlaar dat het één van de oudste gebouwen van ons land was. Dank zij een grondige studie van L.F. Genicot “Les nefs préromanes de Overlaar et de Houter -Sainte-Marguerite”, beschikken we nu over een duidelijk overzicht en een uitvoerige chronologie van dit bouwwerk. 

In artikel vergelijkt hij de twee kerken en duidt hij tevens hun bij anderste kenmerken aan ( mededelingen van de Geschied- en Oudheidkundige kring voor Leuven en omgeving, achtste jaargang, 1968 ) .

Situering

De kerk van Overlaar bevindt zich kort bij Tienen, naast de overblijfselen van een grote hoeve uit de 17e en 18e eeuw’. Op het einde van de 12 e eeuw wordt het kerkje vergroot met een koor, versierd met een bogenrij onder kroonlijst en met een massieve toren. De sakristieën dateren van de 17e en de 20e eeuw. Omstreeks 1906 werd de kerk hersteld.

De beuk is nagenoeg intakt. Dikwijls wordt zij gedateerd in de IIe eeuw, ja zelfs nog vroeger. Er werden nieuwe vensters in aangebracht op het einde van de Middeleeuwen.

In het midden van de zuidelijke gevel is een kleine originele venster zichtbaar. Zij is gemaakt op 3.55 meter hoogte. De uitsnijding van haar verbredende indieping scheen door de huidige bezetting op 3.30 meter van het huidige plaveisel. De vensternis is aan de buitenkant slechts 😯 op 43 cm. De rudimentaire bindstenen van de boog laten er stenen en opnieuw gebruik te bakstenen afwisselen volgens een zeer oude methode. Deze is nog slechts zeer zelden bij ons waar te nemen. Drie of vier gelijke vensteropeningen aan elke zijde wierpen oorspronkelijk een zwak licht in het schip van de kerk.

Zonder twijfel lag de ingang aan de westkant. De toevoeging van de Romaanse toren heeft de voorkant zodanig geblokkeerd dat de ingangsdeur op de zuidkant moest hermaakt worden.

@Freman'69

Daar is zij voor een groot deel blijven voortbestaan. De huidige poort is neo-romaans ( 20e eeuw ) . Zij is toegemetseld achter een grafmonument. De deurstijlen waren opgebouwd; uit mooi gehouwen kwartsietblokken, evenals de rechthoekige impostlijsten – die van de rechterzijde zijn verdwenen voor het klassieke venster – die de halfronde boog ondersteunen uit beter behandelde bindstenen en meestendeels nog op hun plaats zijn.

Binnen het gebouw ontplooit het schip een rechthoek van 9.30 meter op 6.95 meter. De huidige hoogte is ongeveer 5 meter. Misschien is de vloer in de loop der tijden een beetje opgeheven. Voor het schip was er vroeger ongetwijfeld een klein koor, waarvan de juiste vorm en inplanting niet gekend zijn. Nu geeft de beuk uit op het hoogaltaar door een boog die merkbaar omgewerkt is. De beuk is bedekt met een vlak plafond en een dakwerk waarvan de tussenvlakken, tegen de toren, ongeveer 40° hellen.

Voor het overige wijst alles er op dat de kern van het bouwwerk teruggaat tot de volle Middeleeuwen en in elk geval pre-romaans is. De bouwtrant is zeer ruw. Hij doet denken aan de beuk van de kerk van Waha, ouder dan het jaartal 1050 op de opdrachtsteen. Hij is primitiever dan de kerken van Orp le- Grand of Tourinnes-la-Grosse. Anderzijds is hij in dit kleine plattelandsheiligdom van Overlaar, minder verzorgd dan in de ” keizerlijke ” verwezenlijkingen van Aken en Nijvel ( Karolingische Tijd).

Het gebruik var Romeinse baksteen, vooral in de vensters, is typisch voor een zeer oude methode van werken. Het legt getuigenis af van een levendige kennis van de prototypes van het Neder-Keizerrijk. In de Romaanse periode bestaat deze werkwijze niet meer als zodanig. Hetzelfde geldt voor de kleine vensteropeningen. De verhoudingen van de enkelvoudige beuk zijn niet zo vertikaal als de gewoonlijk gebruikte in de Ile eeuw in de l’aasarchitektuur,

Tenslotte is het patroonschap van de heilige Lambertus zeer kenmerkend ( Gestorven in ?05 ). Heiligdommen werden hem toegewijd vanaf de 8e eeuw in Donk, Nijvel aan de Maas, Mainz er misschien Heverlee.

Zo zien we op kleine afstand van elkaar twee vergelijkbare kerken : Overlaar en Houtem-Sinte-Margriet. Beide leggen ze getuigenis af var de steentechniek in de religieuze architektuur van het eerste millennium.

Hun bouwtrant verraadt een hoge ouderdom. Hun plan is nauw verwand aan de eerste Sinte-Veronakerk van Leefdaal en aan die van Sinte-Anna van Oudergem. Zij dateren respektievelijk van rond de jaren 900 en I000. De beuken van Overlaar en Houtem moeten er tijdgenoten van zijn of misschien wel een paar, tientallen jaren ouder.

In onze rijke Haspengouwse vlakte die sedert onheuglijke tijden mensen heeft geherbergd, nabij de fameuze weg van Brunehilde, roepen zij op wat eens de “Eigenkirchen” waren van de grote domaniale uitbatingen van voor de jaren duizend.

De band tussen kerkje en grote boerderij is zeer duidelijk in Overlaar. Ons kerkje is een van de zeer zeldzame voorbeelden van pre-romaanse architektuur “ter plaatse zelf” bewaard.

© Vzw Hoegaards Erfgoed 

Print Friendly, PDF & Email